De kans op oorlog om Taiwan is klein maar de risico’s groeien

De laatste tijd heeft men het ook in Nederland steeds vaker over de risico’s op een oorlog om Taiwan. Als Taiwanexpert wil ik ook graag mij duit in het zakje doen. De eerste opmerking is een verwijzing naar het opiniestuk van Natasha Kassam, waarin ze oproept om vooral te luisteren naar wat de Taiwanezen zélf willen. Het zou het niet om een oorlog gaan óm Taiwan, maar mét Taiwan. Het is belangrijk om te begrijpen wat Taiwanezen bedoelen met status quo en onafhankelijkheid. Het is niet (slechts) een geopolitieke strijd, maar een gevecht om het voortbestaan van de Taiwanese democratische en vrije staat.

Het is ook belangrijk om de Chinese binnenlandse politiek niet te vergeten. Mijn argument is dat China vooralsnog niet de intentie heeft om een oorlog te beginnen. De binnenlandse uitdagingen zijn nog te groot, zolang formele Taiwanese onafhankelijkheid nog kan worden afgeschrikt. Maar het risico op escalatie groeit wel. Hoe meer vliegtuigen Taiwan tarten en hoe sterker het nationalisme, hoe groter de kans dat het een eigen leven gaat leiden.

China heeft vooralsnog niet de intentie

Peilingen in Taiwan laten zien dat de mensen daar een oorlog nog niet zo waarschijnlijk achten. Analyse van de uitspraken van Chinese leiders ondersteunen dit. De Amerikaanse expert Bonnie Glaser is de meest overtuigde uitdrager van deze lezing: het beleid van Peking – druk met de Grootse Herrijzenis – was niet gericht op het nastreven van ‘hereniging’ met Taiwan, maar op het ontmoedigen van het verderfelijke ‘Taiwanese onafhankelijkheid’ (台独 táidú).

In tegenstelling tot de Taiwanese president Tsai Ing-wen (蔡英文 Cài Yīngwén) houdt Peking namelijk vol dat ‘het eiland Taiwan’ juridisch gewoon onderdeel is van de Volksrepubliek China (PRC) vanaf de oprichting op 1 oktober 1949. China is namelijk wettelijk verplicht om militair in te grijpen, als het vaststelt dat Taiwan zich ‘onafhankelijk’ heeft verklaard. Maar een oorlog komt de Chinese Communistische Partij (CCP) nu niet goed uit.

Hoewel ze regelmatig oefenen op een invasie, is de modernisering van het Volksbevrijdingsleger (PLA) nog niet compleet. Hoewel de Chinese bewapening rap gaat, is het nog niet zeker of China een oorlog tegen Taiwan – waarschijnlijk geholpen door de Verenigde Staten en Japan – wint. Verlies zou desastreuze gevolgen hebben, voor Xí Jìnpíng (习近平) zelf en misschien ook wel voor de CCP.

Los van de militaire consequenties, zou een oorlog de Chinese economie ook enorme schade toebrengen. Het grote doel van de CCP is de Grootse Herrijzenis van de Chinese Natie (中华民族伟大复兴 zhōnghuá mínzú wěidà fùxīng). Tegen 2049 moet China rijk, sterk, en dominant zijn. De binnenlandse uitdagingen voor de projecten van Xi zijn enorm. Taiwan heeft ook raketten gericht op China.

Het huidige moment is te kwetsbaar. Nu het Chinese groeimodel onder druk staat, kan Peking niet gebruiken dat wereldwijde sancties en een oorlog in de regio de boel overhoop halen. Dat betekent niet dat op termijn het Chinese beleid kan veranderen en de kosten-baten analyse een voor Taiwan vervelende uitkomst kan krijgen.

Maar op de korte termijn speelt een andere factor: binnenlandse politiek maakt dat de CCP stabiliteit nu boven alles stelt. De pandemie is nog niet afgelopen. In februari 2022 zijn de Olympische Winterspelen van Peking. Maar bovenal: oktober 2022 is het Partijcongres waarop Xi Jinping naar verwachting zijn ongebruikelijke derde termijn zal krijgen, gevolgd door de parlementszitting van maart 2023 die de nieuwe machtsverhoudingen bevestigt. Ik verwacht dat China tot dan geen avonturen wil beginnen. Misschien duurt dat moment nog wel tot duidelijk wordt wie de opvolger van Tsai Ing-wen wordt bij de Taiwanese verkiezingen van januari 2024.

Risico op escalatie groeit wel

Dat wil niet zeggen dat de kans op oorlog nul is. Daarvoor nemen de spanningen te veel toe. Groeiende Chinese zelfoverschatting en nationalistisch ongeduld kunnen er voor zorgen dat Peking de risico’s anders gaat wegen. Maar het grootste risico bestaat uit ongewilde escalatie.

De activiteiten van de Chinese luchtmacht ten zuiden van Taiwan zijn naast signaal en oefening ook contactmomenten met de Taiwanese luchtmacht. Hoe meer contactmomenten, hoe groter de kans op ongelukken. Hetzelfde geldt voor toenemende activiteiten van Chinese kustwacht, maritieme militie, en baggeraars. De nationalistische rellen die uitbraken in China nadat de Japanese kustwacht een Chinese kapitein arresteerden in 2010 zijn een duidelijke illustratie van de binnenlandse druk waar Peking rekening mee moet houden.

Daarnaast moeten wij rekening houden met een economische of politieke crisis in China zelf. Peking vertrouwt nu nog dat de ‘loop van de geschiedenis’ de Partij bevoordeelt en dat uiteindelijk de machtsverhoudingen zo zullen worden, dat Taiwan geen keus heeft of dat China sterk genoeg is om de gevolgen van sancties te weerstaan. Wanneer dat vertrouwen weg is, dan zou de Partij misschien wel gebruik willen maken van de voorsprong die het nu (al/nog) meent te hebben. Of het zou een invasie van Taiwan als een nuttige nationalistische afleiding kunnen zien.

Ten slotte is het belangrijk om de dynamiek on the ground in de gaten te houden. De centrale regering in Peking kan misschien wel niet de intentie hebben om aan te vallen, maar de logica van escalerende reacties kan er voor zorgen dat de betrokken partijen toch stapje voor stapje richting een kinetisch conflict bewegen. De Europese mogendheden hadden ook niet de intentie elkaar in het verderf te storten voor de zomer van 1914.

De grootste uitdaging voor Nederland

Een opiniestuk in de NRC riep Nederland en Europa op om al vast na te denken over een eventuele oorlog. Ik sluit mij daar bij grotendeels aan. Voor de Clingendael Spectator schreef ik eerder al over het belang om de factor Taiwan mee te nemen wanneer Nederland nadenkt over de Indo-Pacific. Economische afschrikking kan daarbij een belangrijke rol spelen, hoewel wij niet moeten onderschatten hoe agressief Peking alleen al een aankondiging van zulke plannen zou vinden.

Echter, een Chinese invasie van Taiwan zou politiek niet het lastigste scenario zijn. De plannen van het Volksbevrijdingsleger gaan uit van snelle onthoofding van het Taiwanese bestuur en inname van het eiland binnen twee weken om Amerikaanse assistentie voor te zijn. De duizenden raketten en bommen die Peking daar voor klaar heeft liggen, zouden tienduizenden doden kunnen veroorzaken. De humanitaire ramp, de overduidelijke Chinese agressie, de geopolitieke consequenties en de Amerikaanse betrokkenheid zouden de politieke keuze voor Europa relatief makkelijk maken, hoe moeilijk het militaire antwoord ook zou zijn.

Moeilijker zou het zijn, als China na 2023 creatiever om gaat met Taiwan. Er zijn verschillend manieren waarop het kan proberen om Taiwan uit te lokken het eerste schot te lossen. Laat Den Haag de KLM doorvliegen naar Taipei als Peking het Taiwanese luchtruim sluit? Wat doen de rederijen als de Chinese douane hen vraagt om vracht van Rotterdam naar Taiwan vooraf aan China aan te melden? Laten wij de Taiwanese kustwacht vrachtschepen uit Nederland escorteren om door een Chinese blokkade te breken? Dat zijn de echte politiek uitdagende vragen.

Leave a comment

Leave a Reply

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.