Taiwan: wat zijn het Één-China-Principe, het Één-China-Beleid, en de Consensus van 1992?

Na een brief waarin de voorzitters van de Europese Raad en Commissie stelden dat de Taiwanese vertegenwoordiging in Litouwen niet tegen het Europese één-Chinabeleid in gaat,1CNA, ‘EU slams China’s moves in Taiwan office dispute’Taipei Times, blz. 1, 30 oktober 2021. reageerde het Chinese ministerie van buitenlandse zaken boos dat het één-Chinaprincipe de „universele consensus van de internationale gemeenschap” is.2Wang Wenbin, ‘Foreign Ministry Spokesperson Wang Wenbin’s Remarks on Joint Letter by Presidents of Two EU Institutions on Taiwan-Related Issue Concerning Lithuania in Response to Letter by Some European Legislators’Mission of the People’s Republic of China to the European Union, 30 oktober 2021.

Toen de Taiwanese president Tsai Ing-wen (蔡英文 Cài Yīngwén) op de nationale dag stelde dat de Republiek China (Taiwan) en de Volksrepubliek China niet ondergeschikt zijn aan elkaar en opriep tot dialoog,3Tsai Ing-wen, ‘President Tsai delivers 2021 National Day Address’, Office of the President, Republic of China (Taiwan), 10 oktober 2021. zei China dat enkel een terugkeer naar het één-Chinaprincipe en de ‘Consensus van 1992’ van haar voorganger Ma Ying-jeou (馬英九 Mǎ Yīngjiǔ) contact mogelijk kon maken.

Beide gebeurtenissen betreffen termen die erg precies komen, maar buiten Taiwanexperts om vaak niet goed begrepen worden. Hierdoor gaan commentatoren soms onverhoeds mee met Chinese pogingen om verbale terreinwinst te boeken.

In dit stuk leg ik daarom de verschillen uit tussen China’s eigen ‘principe’ en het per bilaterale betrekking verschillende ‘beleid’, en waarom de ‘Consensus van 1992’ niet uit 1992 komt en geen consensus is.

Één China

Volgens de huidige regering in Peking hield de Republiek China (ROC, 中華民國 zhōnghuá mínguó) op te bestaan toen Máo Zédōng (毛泽东) op 1 oktober 1949 de Volksrepubliek China (PRC, 中华人民共和国 zhōnghuá rénmín gònghéguó) uitriep: China wordt sinds die datum vertegenwoordigd door de PRC, die alle rechten van de oude ROC erfde.

Taiwan was van 1895 tot 1945 een Japanse kolonie, nadat het Qing-keizerrijk de voormalige VOC-kolonie permanent afstond met het Verdrag van Shimonoseki. In 1945 nam de ROC het in bezit.4Voor de geschiedenis van wat toentertijd nog geen oncontroversieel feit was, zie: Lin Hsiao-ting, Accidental State: Chiang Kai-Shek, the United States, and the Making of Taiwan Cambridge, MA: Harvard University Press, 2016. Na verlies in de Chinese Burgeroorlog vluchtten KMT-leider Chiang Kai-shek en zijn volgelingen naar het eiland – één miljoen Vastelanders (外省人 wàishěngrén)5Dominic Meng-Hsuan Yang, The Great Exodus from China: Trauma, Memory, and Identity in Modern Taiwan, Cambridge: Cambridge University Press, 2021, blz. 63. die bij de zes miljoen Taiwanezen (本省人 běnshěngrén) kwamen.

Vanuit de ‘tijdelijke hoofdstad’ Taipei claimde het restant van de Chinese Nationalisten dat de nieuwe staat6Ik leg elders uit hoe de ROC-op-Taiwan eigenlijk een hele nieuwe staat was: Sense Hofstede, ‘Taiwan’s democratic journey and stabilising national identity’, 9DASHLINE, 9 december 2020. die ze op de Japanese koloniale fundamenten met Amerikaanse hulp opbouwden nog steeds de ROC was, en bovendien de enige rechtmatige regering van héél China. De Chinese Communisten claimden echter dat het rechtmatig onderdeel was van de Volksrepubliek en nog op bevrijding wachtte.

Het is nu nog officieel beleid aan beide kanten van de Straat van Taiwan dat er slechts Één China is en dat de eigen staat die vertegenwoordigt. Hierbij verwijst men naar de verklaringen van Caïro en Potsdam uit 1943 en 19457World War II Conference Declarations’, Taiwan Documents Project. – hoewel dat slechts verklaringen waren waarin de geallieerde leiders ‘Formosa’ toewezen aan China – en Taipei naar het vredesverdrag van San Francisco uit 19518San Francisco Peace Treaty’, Taiwan Documents Project. – waarmee Japan slechts de soevereiniteit over Taiwan op gaf zonder een nieuwe eigenaar aan te wijzen. Wanneer een land formele diplomatieke betrekkingen aangaat met het ene ‘China’, dan breekt het andere ‘China’ de relatie af.

Sinds het begin van de democratisering is deze claim voor Taipei steeds meer slechts een formaliteit. Voor de gemiddelde Taiwanese burger betekent ‘status quo’ onafhankelijkheid van de PRC en duidt ‘onafhankelijkheid’ op het afschaffen van de ROC.9zie: Sense Hofstede, ‘Wat bedoelen Taiwanezen met “onafhankelijkheid” en “status quo”?’. De jurisdictie van de ROC is met de grondwetswijzing van 199110Pasha L. Hsieh, ‘The Taiwan Question and the One-China Policy: Legal Challenges with Renewed Momentum’Die Friendens-Warte, vol. 84, nr. 3, 2009, blz. 59–81. praktisch beperkt tot wat we nu afgekort ‘Taiwan’ noemen.11Sommige rechtsgeleerden, zoals de Nederlandse EU-jurist Werner Somers, concluderen dan ook dat de Taiwan als ROC al een onafhankelijke staat is. Zie: ‘Promotie: Taiwan: onafhankelijke staat of afvallige Chinese provincie?’Open Universiteit, 4 november 2020. Maar het opgeven van de claim op ‘China’ zou voor Peking een casus belli zijn.

Principe

Peking houdt namelijk nog wel vol overtuiging vast aan het standpunt dat Taiwan onherroepelijk onderdeel is van China.12Taiwan Affairs Office and the Information Office of the State Council, ‘The One-China Principle and the Taiwan issue’People’s Daily. Dit is het zogeheten ‘één-Chinaprincipe’ (一个中国原则 yī ge zhōngguó yuánzé, afgekort: 一中原则 yī zhōng yuánzé; One China Principle). Volgens dit principe is er één China, dat China is de Volksrepubliek China, en Taiwan behoort daar ook toe.13中国政府门户网站一个中国原则, The Central People’s Government of the Republic of China. In China mag je dan ook niet spreken over ‘China en Taiwan’, maar praat je over het ‘Chinese Vasteland’ (中国大陆 zhōngguó dàlù) en ‘China’s Taiwan’ (中国台湾 zhōngguó táiwān).14Anne-Marie Brady, ‘Unifying the Ancestral Land: The CCP’s “Taiwan” Frames’The China Quarterly, vol. 223, September 2015, blz. 787–806.

Volgens deze formulering kan Taiwan bijvoorbeeld niet lid worden van de Verenigde Naties (VN), ook niet als Republiek China. Dit vormt een contrast met Korea. Seoel en Pyongyang claimen beide het ‘echte’ Korea te vertegenwoordigen, met soevereiniteit over het hele schiereiland. Toch is Zuid-Korea gewoon lid van de VN als de Republiek Korea (ROK) en Noord-Korea als de Democratische Volksrepubliek Korea (DPRK).

2758 (XXVI). Restoration of the lawful rights of the People’s Republic of China in the United Nations

Peking probeert daarentegen het internationale bestaan van Taiwan als onafhankelijke entiteit compleet onmogelijk te maken. Het stelt ook onterecht dat Resolutie 2758 van de Algemene Vergadering het één-Chinaprincipe ondersteunt,15Jessica Drun en Bonnie S. Glaser, ‘The Distortion of UN Resolution 2758 and Limits on Taiwan’s Access to the United Nations’, The German Marshall Fund of the United States, 24 maart 2022. terwijl deze motie uit 1971 slechts bepaalde dat de VN-zetel van China aan de Volksrepubliek toehoort en niet aan ‘de vertegenwoordigers van Chiang Kai-shek’.16Dit was een bewuste keuze. Voorstellen om de status van Taiwan expliciet te benoemen werden afgewezen om een compromis te bereiken tussen voorstanders van een aparte zetel voor ROC-Taiwan en voorstanders van erkenning dat Taiwan onderdeel van China zou zijn.

China eist ook dat zijn diplomatieke partners één China erkennen als voorwaarde om betrekkingen aan te gaan. Op basis van al het bovenstaande claimt Peking in zijn communicatie stelselmatig dat er een ‘internationale consensus’ bestaat over het één-Chinaprincipe. Dit is onjuist.

Beleid

Andere landen nemen niet blindelings het één-Chinaprincipe van Peking over. In plaats daarvan hebben alle landen die formele betrekkingen hebben met China – of met Taiwan als ROC!17Zie ‘Full diplomatic relations’ op: ‘Foreign relations of Taiwan’Wikipedia. – een ‘één-Chinabeleid’ (一个中国政策 yī ge zhōngguó zhèngcè, afgekort 一中政策 yī zhōng zhèngcè; One China Policy). Elk land heeft zijn eigen beleid. De inhoud daarvan is het gevolg van de onderhandelingen tijdens het aangaan van formele betrekkingen en het gedrag in de loop van de tijd.

Hoewel sommige landen inderdaad expliciet erkennen dat Taiwan onderdeel is van de Volksrepubliek, gaat het in veel gevallen slechts om een erkenning dat de Volksrepubliek China het enige China is. Daarbinnen is best veel mogelijk. Niet iedereen levert Taiwanezen uit aan China alsof het Chinezen zijn, zoals Spanje doet.18Safeguard Defenders‘China’s Hunt for Taiwanese Overseas: The PRC’s use of extradition and deportation to undermine Taiwanese sovereignty’, 30 november 2021. Nederland en Frankrijk hebben eind 20ste eeuw nog wapens verkocht aan Taipei. Singapore erkent Peking, maar heeft nog altijd jaarlijkse militaire oefeningen in Taiwan genaamd ‘Starlight’ (星光).

De Verenigde Staten stellen uitdrukkelijk dat ze geen uitspraak doen over de status van Taiwan en hebben nauwe ‘onofficiële’ banden onder Three Joint Communiqués met China,19Joint Communiqués’, Taiwan Documents Project. de Six Assurances aan Taiwan20Declassified Cables: Taiwan Arms Sales & Six Assurances (1982)’, American Institute in Taiwan. en de eigen Taiwan Relations Act. In het tweede communiqué „nemen ze waar” (认识到 rènshí dào) dat „de Chinezen aan beide kanten van de Straat” Taiwan als onderdeel van China zouden zien. Dit wordt door Peking vaak onterecht vertekent tot Amerikaanse erkenning (承认 chéngrèn) van het eigen één-Chinaprincipe, soms via dezelfde creatieve vertaalslag waarbij tussen Chinees en Engels ‘beleid’ ineens in ‘principe’ verandert. Washington stelt ook dat het Taiwanese onafhankelijkheid „niet steunt” (不支持 bù zhīchí), wat door Peking vaak vertekent wordt tot de claim dat Amerika „tegen” (反对 fǎnduì) onafhankelijkheid zou zijn.

Ons Beleid

Nederland stelt in de beleidsnotitie over haar relatie met China uit 201921Ministerie van Buitenlandse Zaken, Nederland-China: Een Nieuwe Balans, blz. 16. slechts:

„Nederland heeft, net als alle andere landen die diplomatieke betrekkingen onderhouden met China, een ‘één-Chinabeleid’, waarbij het de regering van de Volksrepubliek China (in Peking) als enige wettige regering van China erkent. Dit betekent dat Nederland geen diplomatieke betrekkingen met Taiwan onderhoudt. Wel heeft Nederland goede economische, culturele en wetenschappelijke betrekkingen met Taiwan die via het Netherlands Trade and Investment Office [tegenwoordig: Netherlands Office Taipei] worden behartigd.”

Ministerie van Buitenlandse Zaken, Nederland-China: Een Nieuwe Balans, blz. 16.

De basis is het communiqué waarmee op 16 mei 1972 betrekkingen op ambassadeursniveau tussen beide landen werden geregeld. Maar de Chinese neiging om bewust het één-Chinaprincipe te verwarren met het -beleid kwam weer naar boven toen de ambassade in Den Haag in een boze reactie op een Tweede-Kamermotie over Taiwan valselijk claimde dat Nederland zich ook heeft gecommitteerd aan het principe.22Embassy of the People’s Republic of China in the Kingdom of the Netherlands, ‘Remarks of the Spokesperson of the Chinese Embassy in the Netherlands on Taiwan-related motions proposed by the Dutch Parliamentarians’, 25 november 2021.

Nationaal Archief 2.05.166/655: Gezamenlijke Communiqué van 16 mei 1972 inzake de betrekkingen tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Volksrepubliek China.

Volgens de Gezamenlijke Verklaring bij het aangaan van diplomatieke betrekkingen op ambassadoriaal niveau in 1972, ‘respecteert’ (尊重 zūnzhòng) Nederland de positie van de Chinese regering aangaande Taiwan en ‘erkent’ (承认 chéngrèn) het dat de Volksrepubliek de enige legale regering is van China.23中华人民共和国政府 en 荷兰王国政府, 中华人民共和国政府和荷兰王国政府建立外交关系的联合公报, 中华人民共和国外交部, 16 mei 1972. Nederland neemt dus zelf geen eigen positie in over de vraag of Taiwan onderdeel is van China. Maar het onderhoudt wel discrete ‘onofficiële’ betrekkingen.24Joan Veldkamp, ‘Chinees machtsvertoon: “Jonge Taiwanezen voelen zich niet eens Chinees”’, De Groene Amsterdammer, 25 januari 2022.

Daarnaast is er ook nog de Nederlandse belofte om geen wapens meer te verkopen aan Taiwan, gedaan bij het herstel van betrekkingen in 1984, na een periode van drie jaar waarin China ons strafte voor de verkoop van onderzeeboten aan Taipei.25Mari Saito, Yimou Lee, Ju-Min Park, Tim Kelly, Andrew MacAskill, Sarah Wu, en David Lague, ‘Taiwan’s friends aid stealthy submarine project as China threat rises’Reuters, 29 november 2021.

Op 16 mei 2007 namen beide landen een Gezamenlijke Verklaring inzake de versterking van bilaterale samenwerking aan.26Gezamenlijke Verklaring van de Minister van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk der Nederlanden en de Minister van Buitenlandse Zaken van de Volksrepubliek China inzake de Versterking van Bilaterale Samenwerking’, 6 juni 2007. Deze herbevestigd de Gezamenlijke Verklaring van 1972 en bevat een paragraaf die het één-Chinabeleid herhaalt:

„De Nederlandse zijde herbevestigde dat het vasthoudt aan het één-China beleid, volgens hetwelk de regering van het Koninkrijk der Nederlanden de regering van de Volksrepubliek China als de enig wettige regering van China erkent. China waardeerde deze Nederlandse houding ten aanzien van het één-China beleid en herhaalde zijn eigen positie ten aanzien van de Taiwan-kwestie.”

Gezamenlijke Verklaring van de Minister van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk der Nederlanden en de Minister van Buitenlandse Zaken van de Volksrepubliek China inzake de Versterking van Bilaterale Samenwerking

Consensus van 1992

Waar wij het één-Chinabeleid hebben, werd in het geval van Taiwan samenwerking mogelijk gemaakt door de wederzijdse erkenning van de zogenaamde ‘Consensus van 1992’ (九二共識 jiǔ èr gòngshì) ten tijde van de regering van KMT-president Ma Ying-jeou (2008–16). Hierover is ook veel verwarring.

De KMT, tegenwoordig in de oppositie, claimt samen met de CCP dat de neergang van de betrekkingen tussen China en Taiwan sinds Tsai Ing-wen in 2016 aan de macht kwam, begon met haar weigering om de ‘Consensus van 1992’ te erkennen. Dat Tsai dat niet volmondig doet, is echter niet zo verrassend. De Consensus zoals de KMT die ziet, was een unilateraal product van de Ma-regering, niet van beleid van haar DPP of volmondige erkenning door Peking.

KMT-uitvinding

In het begin van de jaren negentig – voor de democratisering – vonden er gesprekken plaats in Hong Kong (1992) en Singapore (1993) tussen vertegenwoordigers van Taipei en Peking. Hierbij werd geen overeenstemming bereikt over een manier om naar Één China te verwijzen, hoewel er wel enkele verbale overeenkomsten zouden zijn geweest over het principe van één China.

Toen de KMT de macht verloor aan DPP-president Chen Shui-bian in 2000, bedacht KMT-functionaris Su Chi (蘇起 Sū Qǐ) – verwijzend naar die gesprekken – echter de ‘Consensus van 1992’,27Shih Hsiu-chuan, ‘Su Chi admits the “1992 consensus” was made up’Taipei Times, 22 februari 2006, blz. 3. op basis van in 1992 door de Taiwanese kant in Hong Kong voorgestelde formulering.28Jean-Pierre Cabestan. ‘Su Chi, Taiwan’s Relations with Mainland China: A Tail Wagging Two Dogs’China Perspectives, jrg. 2009, nr. 4,  2009, blz. 2. Die was dat er één China is, waartoe Taiwan en het Vasteland behoren, maar met de erkenning dat er verschillende interpretaties zijn wat dat China is (一中各表 yī zhōng, gè biǎo).

Met de DPP aan de macht zochten de KMT en CCP naar een manier om het vooruitzicht van politieke stabiliteit en economische groei door samenwerking van beiden kanten te gebruiken om het ‘groene kamp’ van de troon te stoten en het eigen Chinese nationalisme te verenigen met de impopulariteit daarvan bij het Taiwanese electoraat.

Positieve geluiden uit Peking en het werk van Su Chi leidden tot acceptatie van de label ‘Consensus van 1992’ en de leugen dat deze al uit Hong Kong zou stammen. Onder de KMT-regering van 2008 tot 2016 werd dit regeringsbeleid. Dat maakte onderhandelingen tussen beide kanten mogelijk voor Ma’s ambitieuze economische integratieplannen.

Chinees dubbelspel

Maar, hoewel China de label ‘Consensus van 1992’ steeds op rituele wijze herhaalt als voorwaarde voor interactie met Taipei, heeft Peking nooit erkend dat er verschillende interpretaties mogelijk zijn. Daar ligt de nadruk vooral (en steeds meer) op het ‘één China’ (yī zhōng). Vaste prik is de oproep aan ‘de DPP-autoriteiten’ om ‘het één-Chinaprincipe en de “Consensus van 1992”’ (一个中国原则和“九二共识” yī gè zhōngguó yuánzé hé “jiǔ’èr gòngshì”) te erkennen.

De KMT noemt de ‘verschillende interpretaties’ (gè biǎo) ook niet in gesprekken met Chinese tegenhangers. Onder de Taiwanese bevolking is er geen consensus over de betekenis van de Consensus.29Austin Horng- En Wang, Yao-Yuan Yeh, Charles K. S. Wu, en Fang-Yu Chen, ‘The Non-Consensus 1992 Consensus’Asian Politics & Policy, jrg. 13, nr. 2, 2021, blz 212–227. De KMT kan hem echter niet schrappen uit haar programma.

De partijelite is te gecommitteerd aan Chinees nationalisme, hoe impopulair dat ook moge zijn bij het electoraat.30Lin Ai-te, 外省人如何建構?何以今日疏離如此?, Voicettank, 8 september 2021. Bijna de helft van het bestuur van de KMT heeft daarnaast financiële belangen in China, waar lippendienst aan Één China vereist is om zaken te doen.31Amber Lin, ‘Taiwan’s Kuomintang at a Crossroads: Should the Nationalist Rethink Its China-leaning Posture?’The Reporter, vertaald door Chen Guo, 24 juni 2020. Bovendien voert de KMT juist campagne op haar communicatiekanalen met Peking.

Toekomst

De ‘Consensus van 1992’ hangt nog altijd als een molensteen om de nek van de KMT.32Derek Grossman en Brandon Alexander Millan, ‘Taiwan’s KMT May Have a Serious ‘1992 Consensus’ Problem’The Diplomat, 25 september 2020. De DPP zal hem nooit omarmen, maar ook potentiële concurrenten voor de positie van KMT in het electorale landschap33Die positie is al structureel zwak vanwege de Chinese identiteit van de KMT: Nathan F. Batto, ‘Cleavage Structure and the Demise of a Dominant Party: The Role of National Identity in the Fall of the KMT in Taiwan’Asian Journal of Comparative Politics, jrg. 4, no. 1, 2019, blz. 81–101. zoals de jonge Taiwanese Volkspartij (TPP) hebben geen reden om de gifpil in te nemen, zeker nu Peking steeds minder ruimte laat voor verschillende interpretaties.34Inmiddels zien we al steeds vaker de formulering ‘de Consensus van 1992 die het één-Chinaprincipe belichaamt’ (体现⼀个中国原则的“九⼆共识” tǐxiàn yī gè zhōngguó yuánzé de “jiǔ èr gòngshì”) opduiken in de niet-geautoriseerde stukken. Dat is een herformulering naar expliciet ‘één China, één interpretatie’.

China richt zich op één-Chinaprincipe

De Consensus is voor Peking sowieso minder belangrijk geworden. Uiteindelijk is de prioriteit van de Chinese Communistische Partij (CCP) om ‘onafhankelijkheid’ te voorkomen.35A.A. Bastian, ‘Threatening Taiwan Gets China More Than Invading It Would’Foreign Policy, 30 november 2021. Zie ook het werk van Bonnie Glaser. Het één-Chinaprincipe leent zich daar beter voor afschrikking en dreiging dan de op samenwerking gerichte ‘Consensus van 1992’.

Als President Tsai zegt dat Taiwan al onafhankelijk is onder de formele naam Republiek China,36John Sudworth, ‘China needs to show Taiwan respect, says president’BBC News, 14 januari 2020. dan gaat dat natuurlijk in tegen Pekings idee van Één China. Dat ‘gevaar’, de strijd over Taiwanese deelname aan de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en de aanvallen op multinationals met ‘verkeerde’ kaartjes laten al zien dat het bewaken van deze lijn voor China een actieve strijd is.

Nog altijd probeert Peking het één-Chinabeleid van afzonderlijke landen geleidelijk gelijk te stellen aan zijn eigen één-Chinaprincipe. Een andere tactiek is te stellen dat Tsai Ing-wen degene was die zogenaamd brak met de ‘Consensus van 1992’. Het is daarom goed om duidelijk te maken dat het principe van China en een beleid van een land niet hetzelfde zijn, en dat er nooit een consensus is geweest over de Consensus.

Join the conversation

17 Comments

Leave a comment

Leave a Reply

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.